Harmonie Cecilia² is in 2017 ontstaan het samengaan van de Koninklijke Harmonie St Cecilia van Klein-Vorst (Laakdal) en
Koninklijke Fanfare St Cecilia van Schoot (Tessenderlo). Beide verenigingen onderhielden al geruime tijd vriendschappelijke banden. Zo waren er verschillende leden die in de andere maatschappij meespeelden. Stilaan rijpte het idee van een meer verregaande samenwerking en hieruit volgde de effectieve fusie.
St Cecilia uit Klein-Vorst had al enige tijd geen voorzitter meer en Jules Engelen, de voorzitter van Schoot, was gelukkig bereid voorzitter te worden van de fusieharmonie. Het dagelijks bestuur van de harmonie werd samengesteld uit bestuursleden van Vorst en Schoot.
Marc Foets, de dirigent van Vorst, vond de fusie een mooie gelegenheid om de dirigeerstok voor de fusiegroep over te laten aan de dirigent aan Tessa Vonck, de dirigent van Schoot.
Repeteren deden we voortaan in zaal Sparrenhof. Dit was al langer het lokaal van de fanfare van Schoot en was het best geschikt. Ook de verschillende vaste afspraken konden probleemloos in elkaar gepast worden. De verschillende activiteiten die we organiseren vindt je elders op de website.
In 2018 werd binnen Cecilia² het tirolerorkest “tripel forte” opgericht. Het succes van dit orkest bewijst hoe populair deze muziek is.
Na enkele jaren kunnen we enkel vaststellen dat deze fusie een groot succes is.
Het concert van 21 maart 2020 zal nog lang bijblijven, gewoon omdat dit er niet kwam. Door de coronacrisis die huishield in ons land kon dit concert niet doorgaan. Ook de repetities zijn voor enkele weken afgeschaft.
Maar we moeten natuurlijk verder terug in de tijd om de hele geschiedenis te beschrijven. We gaan daarom nader in op de geschiedenis van de harmonie van Klein Vorst en de fanfare van Schoot

Gerard Ghoos

De harmonie van Klein-Vorst was de oudste. Ze werd opgericht in 1866 met de hulp van kasteelheer FRans Schollaert kasteelheer Frans Schollaert . Hij schonk de vereniging in 1867 een “drapeau”.
Tijdens de eerste wereldoorlog lag het muziekleven volledig stil en na de oorlog verhuisde men naar het nieuwe repetitielokaal bij Mie en Pol Stuyck. Ten gevolge van de oorlog was de kas leeg en daarom speelde men in de winter toneelvoorstellingen. In de aanloop van de tweede wereldoorlog kwam het om politieke redenen tot een scheuring. Deze bleef voortduren tot na de oorlog, toen de afgescheurden terug aansloten.
In de periode na 1945 beleefde de fanfare onder voorzitterschap van Gerard Ghoos en dirigent Gaston Cuypers nieuwe hoogdagen. In 1965 werd Gerard Ghoos opgevolgd door zijn zoon Frans die met hetzelfde talent en gezag de fanfare leidde.
De meeste muzikanten werden opgeleid in de schoot van de fanfare, maar stilaan kwamen er muziekscholen en steeg het niveau van de muzikanten.

Marc Foets
Ook op ander gebied braken andere tijden aan : het mannenbastion dat de fanfare tot dan was verdween. De eerste vrouwelijke muzikanten verschenen in 1975. Stilaan werd het voor dirigent Gaston Cuypers tijd om het stokje door te geven, eerst aan Roger Foets en daarna aan zijn broer Marc. allebei professionele muzikanten. Na de komst van de eerste klarinetten werd de fanfare een harmonie.

Mie van Pol
Een speciale plaats in de geschiedenis van de fanfare verdient de familie van Mie en Pol Stuyck en dochter Lies en haar man Rik.
Vanaf 1920 tot aan de fusie vonden bij hen de repetities van de maatschappij plaats.

Fanfare St Cecilia in de jaren 1930
Aan het einde van de eerste wereldoorlog werd in Schoot-Tessenderlo een zangvereniging opgericht. Zoals in die tijd voor een katholiek georiënteerde muziekgroep veel voorkwam werd de naam Sint Cecilia gekozen. Men noemde dit een zangfanfare. De meeste parochies uit de omgeving hadden al een fanfare. Men zag ook in Schoot de meerwaarde hiervan bij feesten, waar men dan de fanfare kon laten meestappen in de stoet (of processie). Zo werd in 1922 de zangfanfare uitgebreid met een echte fanfare Sint Cecilia. Dit gebeurde in tegenstelling tot in Klein-Vorst met goedkeuring van de pastoor.
August Huypens werd de eerste voorzitter. Gerepeteerd werd in café “In de klok”. Eugeen Geysen, een zeer goede saxofoonspeler, werd de dirigent. Hij moest beginnen met aan de geïnteresseerden de beginselen van de muziek te leren. Tegelijk werd er nagedacht over de aankoop van instrumenten. Hiervoor werd een succesvolle omhaling gedaan in de parochie. Nu kon men beginnen.
De parochiezaal werd kort daarna gebouwd en de fanfare verhuisde hierheen. Men begon, om geld in de krappe kas te krijgen, met toneelvoorstellingen.
Dirigent Geysen werd koster in Oostham en verhuisde. Zijn opvolger werd Alfons Sels, die ook al dirigent was in Veerle. Ondertussen was het repertoire zo goed gekend bij de muzikanten dat men ook in de naburige dorpen deelnam aan optochten en andere feestelijkheden.
In 1940 brak de oorlog uit en werden de instrumenten verstopt, zodat de Duitsers ze niet konden opeisen voor het koper. In 1946 startte men terug, ditmaal met interim-dirigent Frans Aerts. Niet lang daarna vond men in Achiel Verbeeck, leraar aan de muziekschool van Tessenderlo, een geschikte opvolger. Voorzitter werd eerst Louis en kort daarna Frans Beckers.
In de jaren 1950 werd de fanfare dakloos. Repeteren in de parochiezaal mocht niet meer en achtereenvolgens moest men repeteren in een grote garage, enkele cafés, en uiteindelijk een klaslokaal. Deze problemen zorgden voor grote onrust in de fanfare.

Fanfare St Cecilia in 1966
In 1967 werd de parochiezaal afgebroken. Hierdoor kwamen meerdere verenigingen zonder lokaal. Caféhouders André Huygens en Gusta Gielis zorgden ervoor dat achter hun café een grote houten legerbarak gezet werd. Dit was de redding voor de fanfare. Deze barak “Zaal Sparrenhof” werd nadien ingewijd als parochiezaal.
Het muzikale niveau bleef stijgen, vooral dankzij de oprichting van de gemeentelijke muziekschool. De financiën gingen er sterk op vooruit dankzij de gemeentelijke toelage, maar vooral door het organiseren van allerlei activiteiten, waaronder een Vlaamse kermis.
Stilaan voldeden de oude instrumenten niet meer en ze werden in 1966 vervangen.
Bij hun vijftig jarig bestaan verkreeg de fanfare de titel van “Koninklijke Fanfare Sint Cecilia”.
Benedict Engelen nam het voorzitterschap over en men begon met de vervanging van de houten barak door een
gemetselde zaal : Zaal Sparrenhof zoals we ze nu nog kennen. Veel muzikanten offerden hun vakanties en weekends op als metser of metserdiender.
De fanfare bleef een echte parochievereniging. Schoolfeesten, de intocht van Sinterklaas, de viering van Schoterse Betty Vansteenbroek als Europees kampioen en nog veel meer. Altijd was de fanfare bereid een serenade te geven.
Na het overlijden van Benedict Engelen werd hij als voorzitter opgevolgd door zijn zoon Jules. Dirigent Achiel Verbeeck moest wegens ziekte in 1988 stoppen als dirigent. Opvolger werd Vic Vos. Hij werd ook korte tijd dirigent van de in 1990 opgerichte jeugdfanfare. Hier werd hij snel opgevolgd door Hilde Mertens.
Eind jaren 1990 en begin van deze eeuw was Frank Vantroyen dirigent van de fanfare.
Frank werd in 2008 opgevolgd door
Tessa Vonck die nu nog altijd dirigent is van harmonie Cecilia².
- Vic Vos
- René Beckers
- Hilde Mertens
- Bouw Sparrenhof
- Frans Beckers






n 


Frank Vantroyen was rond de eeuwwisseling een tiental jaar dirigent van onze Koninklijke Fanfare Sint-Cecilia.